Stukken / Stukjes

door Henk Spaan




Ruzie in het bestuur

Na de beschrijving van de gebeurtenissen die in 2015 leidden tot het opzeggen van mijn lidmaatschap van GroenLinks, besloot ik verder terug te zoeken omdat de spanningen (uiteraard) een voorgeschiedenis hadden. Ik wilde de voorafgaande problemen voor mezelf op een rijtje zetten en mijn eigen opstelling wat nader overwegen.

Toen ik in Zwolle kwam wonen werd ik lid van de Groenen, een club waarvan Roel van Duyn een van de meest opvallende vertegenwoordigers was. Ik vroeg in Zwolle wat voor iemand Roel van Duyn nou in de dagelijkse omgang was. Het antwoord was dat hij dingen wel goed zei, maar dat er met hem nou eenmaal altijd problemen waren.
Inmiddels ben ik er wel achter dat het oordeel over mij in GroenLinks Zwolle niet anders is: altijd problemen. Dat is een reden om iets verder terug in de tijd te gaan, naar 2007 - 2008 toen ik bijna twee jaar lid was van het afdelingsbestuur.

Ik had mij in januari 2007 gemeld voor het afdelingsbestuur omdat het bestuur geklaagd had dat het werk gedaan moest worden door te weinig mensen. In feite was er maar één bestuurslid, Joan Flikweert, die dan ook nog in de kandidatencommissie (vóór de verkiezingen) en in de begeleidingscommissie (ná de verkiezingen) zat.
De samenwerking in 2007 verliep moeizaam en op 13 december 2007 ontstond een conflict in een vergadering van het bestuur. Op basis van een uitgebreide mail die ik direct na de vergadering stuurde aan medebestuurslid Laurens Trentelman, kan ik dat conflict beschrijven.

Het probleem ontstond toen we het hadden over de nieuwe leden. Ik vroeg hoeveel zijn er nu het afgelopen half jaar bij gekomen en wat kunnen we daar nou nog eens mee doen. Joan zei dat de begeleidingscommissie een programmaatje had gemaakt van vier avonden voor inwerking van nieuwe leden. Zij had dat eerder op de avond al gezegd maar toen had ik het idee dat dat iets was voor de fractie. Ik dacht: prima om die in een paar avonden goed in te werken (waarbij het me overigens een beetje vreemd voorkwam dat ze zei dat de fractie zelf geen tijd had om nieuwe mensen in te werken). Maar nu bleek dat het plan was nieuwe mensen te benaderen en dat het niet alleen gaat om het vinden van mensen voor de steunfractie, maar ook voor mensen voor de redactie van groenlicht of voor taken in het bestuur. Ik was toen echt verbaasd, want ik dacht: dat is dan precies de bijeenkomst waarover ik al een tijdje in het bestuur loop te zeuren, de bijeenkomst voor nieuwe leden. Ik zei: nu krijg ik het gevoel dat datgene waarvoor ik al een tijdje pleit, georganiseerd wordt met een truuk buiten mij om (of buiten het bestuur om).


Ik protesteerde dat we eerder op de avond al gepraat hadden over een tijdschema voor activiteiten in de komende periode en dat Joan dat inwerkingsprogramma daarbij niet genoemd had. Vervolgens herinnerde ik mij dat Joan al eerder op de vergadering meegedeeld had dat Michiel van Hulten naar Zwolle zou komen om te praten over openbaar vervoer. Op die manier wilde ik niet in een bestuur werken.

Joan wilde dat ik mijn kritiek zou intrekken. Ik reageerde dat ik mijn gevoel niet kon intrekken dat ik voor lul in het bestuur zit. Ik zei dat ik niet wist wat ik tegen vrienden moest zeggen als ze mij vroegen wat het bestuur eigenlijk doet. Dat gevoel heb ik namelijk echt. Ik heb het gevoel dat Joan het afdelingsbestuur een blok aan het been vindt, dat ze eigenlijk toch weer gewoon door wil gaan zoals ze afgelopen jaren gewerkt heeft en dat ze bezig is om buiten het bestuur om met Patrick (Pelman) en met anderen of met het zogenaamde "Team", een soort schaduw-bestuurtje te vormen. Ik hoef dan alleen maar te zorgen dat de boekhouding in orde is. Dat zei ze op een gegeven moment letterlijk!

Joan wilde niet bij alles volgens de regeltjes toestemming vragen bij het bestuur. Bij een idee wilde ze meteen aan de slag en niet eerste allerlei vergaderingen bijeenroepen. En ik reageerde daarop:

Ja je doet het al jaren zo, en je zei net zelf dat je met Hank ook altijd van deze ruzies had. Ik weet niets van die ruzies maar ik kan me er nu ineens wel wat bij voorstellen en misschien zouden Hank en ik het daarover snel met elkaar eens zijn.

Toen zei Joan dat ze wilde dat ik zou weggaan, de vergadering was bij haar thuis. Ik weigerde weg te gaan en stelde voor de discussie af te breken en later door te praten. Joan bleef doorgaan, herhaalde argumenten totdat ik opstond en zei: tot de volgende keer. Mijn conclusie aan het eind van mijn verslag was: Joan wil geen compromis, ze wil dat ik opstap.

Na deze onverkwikkelijke discussie was de situatie volkomen onwerkbaar. Of liever, op de vergadering bleek dat de situatie volkomen onwerkbaar was. Nu in 2017 kan ik mij opnieuw afvragen waarom ik zo hardnekkig wilde bemoeien met activiteiten van anderen in de afdeling. Het antwoord is denk ik, dat ik daadwerkelijk een andere kant op wilde. Ik wilde dat de afdeling méér werd dan een aanhangsel van de fractie of een fanclub of een recruteringsbron voor de fractie. Ik wilde dat er eens onderlinge discussies of gewoon maar onderlinge gesprekken tussen de leden van de afdeling zouden komen. Ik wilde ook wel eens de voorzitter zijn op ledenvergaderingen; ik wilde een andere 'cultuur' op ledenvergaderingen, maar daarin werd mij systematisch de voet dwars gezet. In de mail naar Laurens schreef ik:

Als er bijvoorbeeld een ledenvergadering georganiseerd wordt, zoals in februari over de toekomstdiscussie, dan voorzie ik nu al dat Joan zal zeggen dat Patrick wel een inleiding wil houden en eventueel een ander vriendje dat via Patrick uit het partijkader geronseld is en vervolgens zal Joan ook zeggen dat ze inmiddels al overlegd heeft met Theo Profijt en dat die toegezegd heeft om te willen voorzitten.

Ik wilde niet zo'n routineuze opzet van een discussie, waarbij een deskundige de meute toespreekt en de meute tenslotte nog wat vragen mag stellen aan de deskundige. Zo gaat dat veel te vaak. Ik denk ook dat ik niets zag in het inwerkingsprogramma waarmee Joan en Patrick bezig waren: veel te vooraf gestructureerd, te veel gericht op het werk in de gemeenteraad, en te weinig uitgaande van de interesses van de nieuwe leden die zich zouden melden en te weinig openingen biedend op andersoortige activiteiten. Ik denk dat ik er ook bij betrokken wilde zijn, wat dat betreft was het een gewone concurrentiestrijd. Kortom, ik vond het 'niks' wat Joan deed, en Joan vond het 'niks' wat ik deed.

Na de ruzie trok Joan zich terug uit het bestuur, maar dat was niet het eind van de problemen. De "werkgroep ledenactiviteiten" werkte door aan het inwerkingsprogramma en toen in maart het bestuur vroeg wat de werkgroep precies wanneer wilde doen, barstte op 22 maart opnieuw de bom. Nieuw bestuurslid Warner Hopman was ook betrokken bij de werkgroep ledenactivering en raakte 'bekneld' in het conflict en wilde zich terugtrekken. Vervolgens besloot ik dat ik deze territoriumstrijd niet wilde voortzetten en in een mail aan alle mensen in de afdeling zei ik dat ik me terugtrok uit het bestuur. In die mail besloot ik:

Achteraf denk ik dat het bestuur nooit had moeten toestaan dat naast het bestuur een soort "werkgroep ledenactivering" aan de slag ging die buiten het bestuur om allerlei activiteiten zou opzetten. Zoiets is met name de taak van een bestuur en kan alleen in nauwe en goede samenwerking met het bestuur op poten gezet worden. Een werkgroep verkeer of een werkgroep armoedebeleid kan in principe rekenen op een flink stuk eigen verantwoordelijkheid, maar een werkgroep ledenactivering ligt veel te dicht bij het werkterrein van het bestuur. Het is alsof je naast de werkgroep armoedebeleid ook nog eens in de afdeling een werkgroep sociale dienst gaat opzetten.
Toen Joan al in het najaar vertelde dat ze bezig was met een werkgroepje voor haar cursus dacht ik dat dat problemen zou kunnen geven, maar omdat ons niets gevraagd werd besloot ik af te wachten. Ik dacht bij mezelf: stop daarmee, maar wilde anderzijds conflicten niet op de spits drijven. De conflicten zijn nu open en bloot voor iedereen zichtbaar. Het bestuur ligt uit elkaar, Warner weg, ik weg, van Laurens weet ik het niet maar op veel punten is hij het met mij eens. En Franca heeft met andere zaken de handen vol. Ik vind het jammer want ik had de indruk dat het bestuur de goede kant op ging en geleidelijk een beleid kon ontwikkelen om de afdeling meer leven in te blazen, maar het mag kennelijk niet zo zijn.

Ik stapte uit het bestuur maar dat was nog niet het einde van het verhaal.
Oud-fractievoorzitter Adrie Wever was bereid te bemiddelen. Hij had binnen twee weken een rapport klaar, waarin stond dat de bevoegdheden veel duidelijker moesten worden afgebakend, en dat agendering en verslaglegging veel zorgvuldiger moesten. Dat rapport, plus het feit dat vier nieuwe mensen bereid waren tijdelijk plaats te nemen in een interim-bestuur, zorgde ervoor dat we toch weer door konden met controlerend op de achtergrond Adri Wever en fractievoorzitter Theo Profijt.

Toen Adri eind augustus aan Laurens vroeg hoe het in het bestuur ging, antwoordde deze dat een en ander toch niet soepel verloopt. Adri stelde voor snel met het hele bestuur te praten, maar andere bestuursleden zagen niet de noodzaak daarvan in. Ik was ook niet tevreden met de gang van zaken en schreef dat ik na de vergadering van 17 augustus stevig balend naar huis was gegaan.

Mijn balen heeft ook te maken met het besluit van de vorige bestuursvergadering (in juli, waar ik niet aanwezig kon zijn) om op 19 augustus te vergaderen en dan op 17 september, waar we dan de ALV van 12 november zouden voorbereiden. Dat klinkt namelijk ontzettend sloom. Wat mij betreft moet het bestuur vaker bij elkaar komen en moeten we ook de mogelijkheid openhouden om extra dingen te doen en om in het najaar een ledenvergadering te houden over een speciaal onderwerp of zo. Nu achteraf besef ik pas hoe slecht ik deze "planning" vind. Op de vergadering voelde ik alleen enig ongenoegen.
Persoonlijk had ik me wat meer voorgesteld bij wat we als bestuur zouden kunnen aanpakken en ik hoop dat we die discussie nog eens van voren af aan kunnen oppakken. Daarvoor kan de vergadering met Adri Wever nuttig zijn.
Toen ik thuis kwam van de vergadering vorige week, vroeg mijn zoon van 14 of we gepraat hadden over Wijnand Duyvendak. Met het schaamrood op de kaken moest ik bekennen dat we daarover geen woord gewisseld hadden. Ik vind dat niet goed en ik zou willen dat we wat losser worden om ook dingen te bespreken die niet twee maanden te voren op de agenda zijn gezet.

Het eind kwam hierna heel snel. Ik had op maandagmiddag een uitnodiging verstuurd voor een avond over de economische krisis en diezelfde avond ging Els Reims daarmee aan het werk, want het mailtje waarin ik doorgaf dat ik het geregeld had, was niet bij haar en bij anderen binnengekomen. Dit langs elkaar heen werken wekte irritatie. Vervolgens kwam er kritiek omdat ik een besluit voor het financiële jaarverslag van 2007 niet goed had weergegeven. Ik werd boos. En op 2 november 2008 besloot ik dat het genoeg was geweest.

Het is wel duidelijk, ik heb met iedereen ruzie en er is een onwerkbare situatie in het bestuur ontstaan. De schuld zal wel bij mij liggen en het lijkt me dan ook beter om niet te dreigen met me terug te trekken, maar om dat daadwerkelijk te doen. Bij deze. In het begin van dit jaar heb ik me ook al terug getrokken, toen is de bemiddeling van Adri Wever op gang gekomen en is het interim bestuur gevormd en heb ik me weer beschikbaar gesteld. Als ik nog enige geloofwaardigheid wil behouden, kan ik zoiets niet twee keer in een jaar doen en mijn terugtrekking is nu dan ook definitief. (…) En dan wil ik toch ook nog wat zeggen tegen diegenen die volhouden dat afspraak altijd afspraak is: we hadden afgesproken dat het bestuur zou vergaderen op 15 oktober om ruim de tijd te hebben om de ledenvergadering voor te bereiden. Sommigen konden niet, er was iemand ziek en toen werd maar besloten om de boel twee weken later te houden, terwijl we konden weten dat we dan te laat zouden zijn om de uitnodigingen tijdig de deur uit te hebben. Met drie wel aanwezige bestuursleden hadden we toen best al wat dingen kunnen regelen. (En dan hadden we misschien niet op de valreep nog zo'n akkefietje hoeven krijgen over het teruggeven van afdracht van de fractieleden.) Maar ik dacht, laat ik maar niet zeuren ook al had ik eerder heel duidelijk te kennen gegeven dat volgens mij er een grotere regelmaat moet zijn in het aantal vergaderingen van het bestuur. Ja, ja dat zou in orde komen.
Dus bespaar me het gepreek over afspraken. Ik heb liever wat soepelheid (of moet ik zeggen, wat vriendelijkheid) wederzijds en wat minder onwil en wederzijds wantrouwen. Vanaf het begin is er irritatie geweest binnen het interim-bestuur. Een enkele keer ging het goed, maar vaker waren er wrijvingen en ik neem aan dat ik daar ook mijn steentje aan heb bijgedragen. En aangezien dat in het vorige bestuur ook al zo was, heb ik erg de schijn tegen. Ik laat het maar zo.

Twee dagen later voegde ik daar nog wat toelichting aan toe:

Wat ik gezegd heb over regelmaat in de vergaderingen is essentieel, regelmatiger gewone of bijzondere ledenvergaderingen, en regelmatiger bestuursvergaderingen. Dat hoeven dan niet altijd lange of moeilijke vergaderingen te zijn, maar de regelmaat is essentieel en elke keer als ik er niet bij was, werd die regelmaat weer onderbroken, bestuursvergaderingen werden uitgesteld, maar één ledenvergadering in een heel najaar werd er gepland, er werd helemaal niet vooruitgekeken wat dat betreft; we schoten geen centimeter op. (…)
Ik kan twee voorbeelden geven van besluiten buiten het bestuur om: er is in het bestuur geen woord gezegd over de voortzetting van de cursus gemeentepolitiek die deze maand weer gehouden wordt. Er is geen evaluatie geweest van de eerste cursus en het bestuur is op geen enkele manier betrokken geweest bij het besluit om het nu weer te doen. Zoek maar na in de notulen. Er zijn alleen wat vage mededelingen gedaan waarin Joan vroeger ook zo sterk was en als ik wel eens voorzichtig een vraag stelde, kreeg ik alleen maar ontwijkende reacties. Een ander voorbeeld is de Guerrilla gardening. Nooit over gepraat. Gedeeltelijk omdat we gewoon te weinig tijd hadden, maar gedeeltelijk ook omdat er niet de wil was om erover te praten. Ik meen dat ik af en toe wel eens heb laten doorschemeren dat ik het er niet erg mee eens was, maar denk maar niet dat er iemand in het bestuur is die dan zegt: "Goh, laten we daar dan eens een keer een half uurtje over doorpraten". (…) En nou gaan we weer in december gezellig guerilla-gardenen, in een seizoen waarin helemaal niets groeit en niets te tuinieren valt. Ik noem dat politieke zelfbevrediging. Het kan me inmiddels niets meer schelen of het ontactisch is dat ik dat nu zo zeg.
Dit alles leidt maar tot één conclusie: de verschillen zijn te groot, het gaat niet om 1000 euro die we aan de fractieleden terugstorten, het gaat om twee jaar lang ergenis, die maar niet wilde verdwijnen.