Henk Spaan





Portret van Henk Spaan

Welkom op de site van Henk Spaan

Mijn naam is Henk Spaan, ik heb lang gewoond in Wageningen en woon nu in Zwolle. Ik geef les in economie en wiskunde en werkte regelmatig bij het pakketsorteercentrum van PostNL.
Ik heb altijd bij linkse of linksige clubjes gezeten, veelal met frisse tegenzin. Naar aanleiding daarvan bracht ik van tijd tot tijd mijn gedachten onder woorden. Op deze site heb ik een aantal teksten verzameld die ik in de loop van de tijd geschreven heb. Ik herhaal mezelf wel eens, maar over het algemeen ben ik er tevreden over, ook al zijn mijn gedachten veranderd in de loop van de tijd. Die verandering is op deze site terug te vinden
Deze site heet henkspaan2.nl. Met name de voetbal-liefhebbers zullen begrijpen dat henkspaan1.nl reeds bezet was, en ik ben tevreden met een tweede plaats.

De teksten zijn te verdelen in een aantal hoofdonderwerpen.


Begin 2016 heb ik mijn lidmaatschap van Groenlinks opgezegd, maar af en toe voel ik toch de behoefte om mijn gedachten op papier te zetten.
  
Ik ben lang lid geweest van GroenLinks en tussen 2006 en 2013 zat ik voor afdeling Zwolle / provincie Overijssel in de landelijke partijraad.
  
In de jaren zeventig zat ik in militaire dienst en was ik lange tijd aktief in de Bond Voor Dienstplichtigen en in de VVDM.
  
In de jaren tachtig raakte ik geïnteresseerd in problemen in Oost-Europa en in de Sovjetunie.
  
In 1982 werd ik lid van de CPN en maakte de 'vernieuwing' van de CPN mee totdat de CPN uit de Tweede Kamer verdween.
  
Een heel andere belangstelling ontwikkelde ik min of meer toevallig voor de oude geschiedenis en voor het werk van Immanuel Velikovsky daarover.
  
Een serie feestliederen en sinterklaasgedichten die ik (met anderen) gemaakt heb in de loop van de jaren.
  
-----------------------------------------------------

Asscher gaat tegenvallen (dec 2016)

De keuze van de PvdA voor Asscher zal waarschijnlijk verkeerd uitpakken. Voor mij staat het vast dat de PvdA had moeten volhouden: de vorming van de regering van PvdA en VVD was noodzakelijk op dat moment. Het was de enige uitweg uit een impasse en ondanks alle voorspellingen dat de coalitie uit elkaar zou klappen, hebben Samsom en Rutte de boel bij elkaar gehouden. De PvdA had dat vol moeten houden en alle kritici er minzaam op moeten wijzen dat hoe dan ook de economische situatie inmiddels aanzienlijk verbeterd is. Wat dat betreft gaat nu de VVD als enige die buit binnenhalen.

De PvdA werd door de regeringsdeelname niet populairder. Bij elke peiling leek de PvdA af te stevenen op enorme verliezen en er zijn toen wat mensen in paniek geraakt. Het leek (lijkt) erop dat de pvda een van de kleinere partijen gaat worden. Toen vervolgens Asscher en Aboutaleb in de media een vlotter, activistischer indruk wisten te maken dan Samsom, heeft men gehoopt dat zij misschien de partij uit het electorale slop zouden kunnen trekken. Dus kwam er het plan om een lijsttrekkersverkiezing te houden.

Een blunder. De grootste fout maakten Hans Spekman en het partijbestuur. Zij hadden die verkiezing moeten tegenhouden. Zij hadden de keuze voor regeringsdeelname moeten verdedigen en moeten zeggen dat de PvdA ministers en Diederik Samsom het goed hebben gedaan ondanks alles. Samsom kan het uitschrijven van verkiezingen alleen maar uitleggen als kritiek op zijn beleid, als een poging om van hem af te komen. Het feit dat hij zich onmiddellijk na zijn nederlaag uit de kamer terug trok, bevestigt dat. Ik kan het begrijpen. De ratten wilden het zinkende schip verlaten, terwijl het schip misschien niet gezonken zou zijn als ze er zelf niet aan hadden zitten knagen.

En dan waren er de burgemeesters en gemeenteraadsleden die tijdens de campagne hun steun uitspraken aan Asscher: zij zagen natuurlijk hun positie en hun zetels in gevaar komen bij een te verwachten groot verlies bij komende verkiezingen en hoopten met een keuze voor een 'linksere' Asscher wat van het verlies terug te halen. Asscher is gekozen maar een verkiezingsnederlaag lijkt nu waarschijnlijker dan een half jaar geleden. Neem nou mijzelf: ik was vast van plan PvdA te stemmen, maar ik twijfel nu.

Het komt allemaal neer op die vervelende neiging bij links, bij groenlinks, bij de SP, bij de vakbond en zeker ook bij Hans Spekman om "terug te gaan naar de basis". Ze willen allemaal weer de taal spreken van het gewone volk. Ik vind mezelf ook behoorlijk gewoon, maar als het gewone volk spreekt, wordt telkens weer Bohemian Rhapsody gekozen in de top 2000; daar zit ik niet op te wachten. En dat zijn nog de onschuldige keuzen.

Telkens komt bij alle linkse partijen weer de discussie naar voren of de partij niet linkser moet worden: terug naar de basis. En dan zoeken ze oplossingen in de richting van de vakbeweging. Niemand lijkt dan te beseffen dat de vakbeweging niet de oplossing is, maar het werkelijke probleem. Voor mensen die werken of werk willen, is de vakbeweging een marginaal verschijnsel geworden. Af en toe hangt er ergens een briefje op een prikbord dat er weer gestemd kan worden voor de ondernemingsraad; een heel enkele keer krijgen de leden een petje en wat ballonnen in de handen gedrukt om dan lichtelijk gegeneerd te luisteren naar een bestuurder over "onderhandelingsresultaten". De vakbeweging is een club vergaderaars en in feite een deel van 'boven' waar de hoogte van het inkomen wordt vastgesteld. Veel van de primaire doelstellingen van de vakbeweging zijn al jaren geleden gerealiseerd.

De vakbeweging kan er niet eens veel aan doen. Natuurlijk zijn er mensen ontevreden over lonen, maar het blijft een feit dat er bij de bepaling van de lonen over het algemeen geen sprake (meer) is van grove uitbuiting. Er is wel armoede in Nederland maar dan met name bij de mensen die geen of weinig werk hebben en van het ene naar het andere uitzendbaantje hoppen. En die mensen hebben niets te zoeken bij de vakbeweging, want de vakbeweging moet in de eerste plaats de belangen verdedigen van de wél werkenden. Als links contact met de basis kwijt is, dan is dat vooral omdat de vakbeweging het contact met de basis kwijt is. Ik zal daar verderop nog op terug komen.

Na de tweede wereldoorlog kende Nederland een groei-economie. De regel was dat je een vaste baan kreeg als je ergens een jaar lang gewerkt had. Dat was geen probleem; alles groeide en iemand ontslaan kon ook, want de betrokkenen konden wel weer iets anders vinden. In de jaren tachtig ontstonden er problemen en werd het tamelijk gewoon om mensen tijdelijk in dienst te nemen voor een half jaar , een jaar of voor twee jaar. Zo kon het gebeuren dat mensen jarenlang met tijdelijke contracten bij eenzelfde baas werkten. Dat was niet geweldig en de vakbeweging was er niet voor. In 1995 begon de vakbeweging zich daartegen te verzetten en zo kwam in 1998 de flexwet tot stand, de Wet Flexibiliteit en Zekerheid. De vakbeweging zal er heel tevreden mee geweest zijn (er was ook wel wat voor te zeggen) maar in de praktijk kwam het erop neer, dat mensen die drie jaar lang achter elkaar ergens gewerkt hadden, állemaal moesten vertrekken. Niemand kreeg nog een vaste aanstelling. Dat was vanaf 2000 een nieuw verschijnsel. Ik neem aan dat de crisis van het jaar 2002 daarbij ook een rol gespeeld heeft: de permanente groei was voorbij en werkgevers wilden zich niet langer vastleggen op vaste aanstellingen. De flexwet die aanvankelijk een mooi resultaat leek voor de vakbeweging, bleek voor degenen die te laat kwamen, alleen de zekerheid te geven van ontslag na drie jaar.

Er ontstond een leger van mensen onderaan de arbeidsmarkt die niet of nauwelijks boven de duizend euro per maand uit kunnen komen. Het bleef wringen, en toen in 2012 Samsom en Rutte hun regering wilden vormen, kreeg Asscher de opdracht om met de vakbeweging tot een akkoord te komen over versoepeling van de arbeidsmarkt en daar toverde hij uit zijn hoed afschaffing van het onderscheid tussen de kantongerecht formule en ontslag via het UWV. Als concessie aan de vakbeweging kwam daar bij: de vaste aanstelling na twee jaar. Een mislukking. Wat we in 2000 al gezien hebben, zagen we ook nu: geen vaste aanstelling na twee jaar, maar ontslag.

Ik herinner me een discussie op de radio dit jaar tussen Asscher en een aantal kleinere werkgevers over de mislukking van de nieuwe regeling. De werkgevers legden uit dat de risico's van ziekte voor kleinere ondernemers niet te dragen was en dat daarom ook vaste aanstellingen niet te verwachten waren. Ik ergerde me aan de luchtigheid waarmee Asscher over die bezwaren heen stapte en beweerde dat het allemaal wel in orde zou komen. Hij bleef volhouden dat de regeling goed was en voelde zich daarin waarschijnlijk gedekt door de vakbeweging. Ik dacht alleen maar: zie je wel dat de vakbeweging uitsluitend de belangen verdedigt van de oudere werknemers met een vaste aanstelling?
Met teveel gemak en geheel in traditie van de vakbeweging ontkende Asscher de reëel bestaande problemen van werkgevers met vaste aanstellingen en met doorbetaling bij ziekte. Als hij nou maar één keer had gezegd dat dat nog eens goed bekeken moest worden, ….. . Ik vertrouw het niet.

Asscher heeft het imago iets linkser te zijn dan Samsom en iets vlotter in zijn presentatie, en de PvdA koos (in paniek) voor hem, maar gooide daarmee tegelijkertijd het beleid van de partij en van de fractie in de afgelopen vier jaar in de prullenbak. Ook al haal je dan iets meer stemmen, dan nog vind ik dat niet netjes. En misschien vinden veel kiezers dat ook niet netjes en komen die meer stemmen er helemaal niet. Nog afgezien van het feit dat Samsom in discussies en op TV helderder is dan de wollige taal van Asscher waar ik nou eenmaal niet gek op ben.

En dan wil ik nog wat zeggen over het groeiende leger aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Ook de vakbeweging ziet dat er een probleem is en wil ook deze mensen "organiseren". Maar ik hoor te weinig dat "deze mensen" zichzelf moeten organiseren. Ik hoor te weinig dat "deze mensen" in plaats van de voordelen van een vaste aanstelling, voor zichzelf het recht zouden kunnen opeisen op een hoger uurloon dan dat van degenen met een vaste aanstelling. Als de flexwerkers zich daarvan bewust zouden worden en van het feit dat ze met zo velen zijn, kunnen we nog interessante ontwikkelingen verwachten. Maar voorlopig houdt de vakbeweging het deksel van dit pruttelende pannetje stevig gesloten met de verzekering dat werknemers geen tegengestelde belangen kúnnen hebben.

En daar zit ik nu, niet wetend waarop ik straks moet stemmen; niet op de wereldverbeteraars van groenlinks, niet op de europa-fanclub D'66 en nu ook niet meer op de PvdA? Ik ben benieuwd.