Foto henk spaan

Teksten over Groenlinks

door Henk Spaan





Milieudilemma's van GroenLinks (october 2008)

Het panel beginselen heeft een stuk geschreven voor de toekomstdiscussie van groenlinks getiteld "GroenLinkse idealen". Het stuk besluit met de opsomming van een aantal dilemma's waarvoor GroenLinks staat op verschillende terreinen. Ik heb wat kritiek op de paragraaf die gaat over de milieudilemma's.
Het stuk stelt dat het consumptiepatroon in rijke westerse landen niet houdbaar is en een zin verder dat
de broeikas-emissies en het ruimtegebruik van de mensen in rijke landen omlaag moet:

"De vraag is of deze vermindering van milieudruk mogelijk is met behoud van de huidige welvaart en hoe de lasten op een sociaal rechtvaardige manier worden verdeeld. Dit vraagt om een gedurfde, maar tegelijkertijd realistische kijk op vergroening van de economie. Wat betekent dat voor onze levensstijl? Wat betekent dat voor onze sociale politiek, als vlees en energie steeds duurder worden voor mensen met lage inkomens? Hoe verhoudt ons ideaal van duurzaamheid zich met het ideaal van internationale solidariteit? Hoe kunnen we arme landen helpen zich op duurzame wijze te ontwikkelen? (…)
Die visie heeft moralistische trekjes als bepaalde levensstijlen de voorkeur krijgen en andere worden afgewezen. Dat dilemma is extra groot als wij pleiten voor stringente regelgeving. Hoe verhouden regelgeving en moralisme zich tot ons vrijheidsideaal?".

Het vervelende van deze tekst is dat het te algemeen gesteld is. Dat er problemen zijn en dat sommige dingen zo niet heel lang door kunnen gaan, wordt op elk verjaardagsfeestje of in elke kantine nog wel begrepen. GroenLinks maakt het zich met die vaststelling te gemakkelijk, want we moeten ons afvragen wat de dilemma's zijn voor GroenLinks. We moeten niet zeggen dat er problemen zijn, we moeten op zoek naar de keuzes die GroenLinks hierin moet maken. Het stuk is tenslotte de aanzet voor de discussie over onze uitgangspunten. En nadat kort aangegeven is dat er met het milieu problemen zijn, vraagt de tekst zich haastig af of te veel aandacht voor het milieu onze andere uitgangspunten niet in het gedrang zullen brengen ("onze sociale politiek" en "ons vrijheidsideaal"). Alsof de schrijvers ons er nu alvast op willen voorbereiden dat we realistisch moeten zijn en dat GroenLinks het niet kan maken met haar milieu-principes teveel tegen de stroom in de zwemmen.

Als we puur naar het milieu kijken zou ik de dilemma's op een andere manier willen formuleren: Hoe urgent denken we dat het probleem van de opwarming van de aarde is; moeten we realistisch zijn en vaststellen dat schaatstochten op de Loosdrechtse plassen niet meer mogelijk zijn? welke maatregelen verwachten we noodzakelijk te zijn tegen een mogelijke stijging van de zeespiegel; Is een vermindering van uitstoot van CO2 daadwerkelijk mogelijk of moeten we ons neerleggen bij de huidige trend van een nog steeds exponentieel toenemende uitstoot; is handel in emissierechten ethiesch of principieel verantwoord; Hoe belangrijk zijn het auto- en vliegverkeer als oorzaak van milieuvervuiling; zijn economische groei en effectieve maatregelen ter bescherming van het milieu met elkaar te combineren of moeten we ons uitspreken tegen het streven naar economische groei; wat is de goede verhouding tussen maatregelen van de overheid en het doen van een beroep op alle delen van de bevolking; moet groenlinks zich wel of niet uitspreken over consuminderen. Ligt in technologische ontwikkeling een oplossing voor milieuproblemen of is die ontwikkeling veeleer een oorzaak ervan. Is duurzaamheid een term waarmee we de milieuproblemen kunnen benoemen of is die term te vaag of te algemeen en moeten we andere woorden zoeken zoals de Belgische Groenen gedaan hebben?

En nu ik de dilemma's wat anders heb geformuleerd, wil ik gelijk aangeven hoe ik tegen enkele daarvan aankijk. Ik ben ervoor dat GroenLinks als een van de hoofd doelstellingen gaat streven naar een lager niveau van consumptie en productie in het (ons) rijke deel van de wereld. Dit kunnen we bereiken door een zuiniger gebruik van brandstof en grondstoffen en door te streven naar minder vervanging van de productiefactor arbeid door de productiefactor kapitaal.
Ik verwacht eigenlijk niet dat GroenLinks op een congres massaal zal kiezen voor zo'n formulering, maar ik wil op zijn minst bereiken dat een dergelijke opvatting een plaats krijgt in het nieuwe beginselprogramma. In de toekomstdiscussie wil ik bereiken dat een dergelijk "anti-groei" standpunt erkend wordt als een deel van GroenLinks. Dus moet er in het nieuwe programma zoiets komen als: Sommigen vinden ….. , anderen kiezen voor een principiële afwijzing van het streven naar economische groei en GroenLinks voert die discussie. Dat is punt één.

Punt twee is dat ik graag een oud actie-punt van de Milieudefensie van stal wil halen. Een aantal jaren geleden lanceerde Milieudefensie als doelstelling een halvering van het autoverkeer op een termijn van tien jaar. Dat lijkt niet realistisch, maar voortzetting van de huidige trend van nieuwe auto's, nieuwe wegen, globalisering en steeds meer vervoer is evenmin realistisch. Bovendien lijkt het bij nader inzien helemaal niet zo onrealistisch; vroeg of laat moet toch het besef doorbreken dat al dat vervoer zo niet verder kan ontwikkelen en dat de vervoerseconomie kan worden gestopt of omgebogen. Rond 1970 drong het tot veel mensen door dat afval van bedrijven giftig was en slecht voor het milieu. Tot die tijd zochten bedrijven (en overheid) gewoon een rustige plek ergens in een bos om dat afval kwijt te raken, maar vanaf 1970 zijn daartegen effectieve maatregelen genomen. We weten nu dat zware metalen niet zomaar in een sloot gedonderd mogen worden en misschien zien we over tien jaar wel in dat ook zuinigheid met vervoer een doelstelling op zich is. Misschien is over tien jaar het wegennet dat we nu hebben groot genoeg of eigenlijk te groot. Dat lijkt me een droom waard om na te streven. (Ik zou bijna zeggen om voor te vechten, maar dat kunnen we beter niet doen: het is goed om hierbij vanaf het begin flink afstand te nemen van elke vorm van radicalisme).